4x non-fictieboeken #1: over verkeer, wonen en meer!

De afgelopen tijd heb ik nieuwe non-fictieboeken gelezen waarvan sommige mijn ogen hebben geopend! Ik vind het heerlijk om via boeken meer te leren over boeiende onderwerpen. Vaak is de informatiedichtheid hierin wat hoger dan bijvoorbeeld in een documentaire en kun je de informatie ook wat meer in je eigen tempo tot je nemen. Daarnaast vind ik de meeste non-fictieboeken die nu worden geschreven absoluut niet droog en juist vlot lezen! Kortom, een prettige manier om meer te weten te komen over onderwerpen die me interesseren. De afgelopen tijd heb ik vier nieuwe non-fictieboeken gelezen, waarvan twee boeken over verkeer, wonen en mobiliteit gingen. Met name het boek over verkeer was een eye opener, maar over beide boeken vertel ik je graag meer!

Een klein land met verre uithoeken – Floor Milikowski
In Een klein land met verre uithoeken vertelt Milikowski over de kansen en worstelingen van veel verschillende steden en dorpen in Nederland. Waarom draait de economie in Eindhoven als een tierelier, is Amsterdam een expat-stad geworden en krimpt de economie van bijvoorbeeld Emmen juist al jaren? Dit zijn allemaal vragen waar ze in dit boek antwoord op geeft.

Wat zo sterk is aan het boek is dat eigenlijk bijna geen stukje Nederland wordt overgeslagen. Zo werd zowel Schiphol als Drenthe en zowel de zuidelijke provinciën op de grens met België als Noord-Groningen besproken. Er wordt onder andere uitgelegd waarom sommige delen krimpen en andere delen van Nederland juist overspannen raken. Ook gaat het over de woningmarkt: waarom zijn er in Groningen zoveel studentenwoningen, en is het eigenlijk wel goed dat de overheid de markt geheel loslaat? Wat voor effect heeft dit op de betaalbaarheid en verdeling van woningen?

Soms mist er wat focus doordat ze álles wil bespreken, maar dit is ook wel weer de kracht. Ik denk dat het boek wil doen wat de overheid soms niet doet, en dat is alle aspecten én delen van Nederland de aandacht geven die ze verdienen. Een goede boodschap die het boek ook gaf is dat door het succes van steden de middenklasse wordt weggejaagd en er juist meer segregatie ontstaat. Belangrijk om over na te denken!

Het was minder een eye opener dan Het recht van de snelste. Misschien omdat het boek zoveel uitstapjes maakte. Door die uitstapjes vond ik het soms ook wat te veel van hot naar her gaan, maar dit zorgde er dan wel weer voor dat ik over heel veel delen van Nederland weer wat meer kennis heb! En dat is zeker een leuke toevoeging 🙂

Het recht van de snelste


Het recht van de snelste – Thalia Verkade

Steekt een hert de weg over of rijden wij dwars door zijn bos heen? Waarom moeten we op een knopje drukken als we de straat over willen steken? En hoe kan het dat we steeds sneller reizen, maar geen seconde eerder thuiskomen?


Het recht van de snelste is een van de betere non-fictie boeken die ik in lange tijd heb gelezen. Na het lezen kan ik niet meer hetzelfde kijken naar het verkeer en de inrichting van de mobiliteit in Nederland.
Wat ik vooral zo goed vond aan het boek, was dat het met zulke sterke feiten kwam. Een voorbeeld: we spreken altijd over het grote fileprobleem, maar slechts 2-3% van de Nederlanders heeft daadwerkelijk last van files. Best klein percentage, hè? En ook wordt er verteld hoeveel ruimte openbare parkeerplaatsen innemen en hoeveel ze eigenlijk gebruikt worden. Het zijn best wel bizarre cijfers!

Er zijn in Nederland bijna evenveel parkeerplaatsen als er mensen zijn, en dat betekent dat er twee keer zo veel parkeerplaatsen als auto’s zijn. Als je al die parkeerplaatsen aan elkaar zou leggen, zou dat een groter gebied beslaan dan het complete landoppervlak van de gemeente Amsterdam.  

Het leukste van het boek vind ik echter dat je ziet hoe erg we gewend zijn de auto als middelpunt te nemen en hoe automatisch er wordt gedacht dat de doorstroom van ‘het verkeer’ (niemand denkt hier trouwens snel aan treinen, terwijl dat net zo goed verkeer is!) het belangrijkste is bij het inrichten van nieuwe ruimte. Maar er wordt ook verteld dat er in de 20ste eeuw behoorlijk is gelobbyd in Nederland, waardoor er nu meer ruimte is voor fietsers dan in andere Europese landen.

Het boek was soms wat deprimerend, zeker als je net als ik niet zo’n enorme fan bent van auto’s. Maar gelukkig schreef ze ook nog een hoofdstuk over oplossingen voor de openbare ruimte en het verkeer. Het recht van de snelste is in ieder geval een grote aanrader voor iedereen die weleens uit moet leggen waarom meer asfalt niet perse de beste oplossing is of waarom ze, ondanks dat het een lage CO2-uitstoot geeft, toch óók geen elektrische auto zouden kopen. En verder vind ik gewoon dat iedereen dit boek moet lezen, omdat het zo’n eye opener is.

Lees jij graag non-fictieboeken? En zo ja, wat zijn jouw favoriete onderwerpen?